Mocht uit een bodemonderzoek blijken dat de grond of het
grondwater is verontreinigd dan kan een bodemsanering noodzakelijk
zijn. Afhankelijk van de ernst van de verontreiniging dient een
bodemsanering in overleg met de provincie (bij meer dan 25 m³ grond
of 100 m³ grondwater) of de gemeente te worden uitgevoerd. Indien
de provincie bevoegd gezag is dient voor de sanering een
beschikking in het kader van de Wet bodembescherming te worden
afgegeven. De kosten van een sanering moeten over het algemeen
worden opgebracht door de veroorzaker of de eigenaar van de
verontreiniging.